wassily kandinsky

Wassily Kandinsky (1866-1944) is mijn favoriete kunstenaar, hoewel het niet erg jofel is dat deze Russisch-Franse kunstschilder en graficus het met een zestienjarig meisje deed. Niet erg jofel voor een man van vijftig, die verfijning van de ziel najaagt. Maar zijn werk verveelt nooit. Zijn schilderstijl behoorde aanvankelijk tot het expressionisme, wordt ook wel gerekend tot het symbolisme en zijn drijfveren zijn interessant. Bovendien was hij een van de schilders die vorm en filosofische ondergrond gaf aan de abstracte kunst in het eerste kwart van de twintigste eeuw.
Als jonge student had hij al ontzag voor de kleuren in de oude Russische iconen. Enige jaren later bewonderde hij, op een expositie in Moskou, het schilderij de Korenschelf van Monet, waarbij hij zich afvroeg waarom de emancipatie van de kleur niet zou kunnen samengaan met de bevrijding van de vorm. En in 1910 luidde hij met zijn Improvisatie-aquarel (collectie Stedelijk Museum) de  abstracte kunst in.
Kandinsky was één van de grondleggers van de kunstenaarsvereniging der Blaue Reiter, genoemd naar een schilderij van hem. Der Blaue Reiter werd ook de naam van de uitgegeven almanak. In 1912 verscheen in twee opeenvolgende edities zijn essay Over het Spirituele in de Kunst. In zijn schrijven stelde hij dat abstracte kunst meer de innerlijke kant van de werkelijkheid voorstelt en om die reden een middel kan zijn tot zelftransformatie. Kandinsky geloofde dat iedereen een innerlijke behoefte heeft, die alle uiterlijke vormen en handelingen bepaalt. Zijn manifest was geïnspireerd door de theosofische begrippen van mevrouw Blavatky.

Kandinsky liet zich tevens inspireren door muziek en in het Spirituele in de Kunst stelde hij dat kleur en klank psychologische effecten hebben op de menselijke ziel. Hij stelde een klankkleurtheorie op, die grote invloed heeft gehad op de ontwikkeling van de twintigste-eeuwse kunst. Volgens Kandinsky spreekt iedere kleur een eigen taal met een eigen expressie en zit in elke kleur en vorm een ziel. Verschillende kleuren samen zullen een innerlijke beleving bij de toeschouwer bewerkstelligen. Schilderen is een kunst en kunst is niet een vaag voortbrengsel, voorbijgaand en geïsoleerd, maar een kracht die gestuurd moet worden naar de ontwikkeling en verfijning van de menselijke ziel.’

In 1922 werd Kandinsky docent aan het Bauhaus, een opleiding voor beeldende kunstenaars, ambachtslieden en architecten. Collega’s waren o.a. Mondriaan, Van Doesburg, Klee en Malevitch Het Bauhaus was een kunstenaarsschool, die evolueerde van een academie voor kunst & architectuur tot een cultuurbegrip. In de school werd les gegeven op een manier die nooit eerder was vertoond. De studenten dienden hun eigen creativiteit te exploreren door te werken met de meest uiteenlopende materialen. Voor Kandinsky was het verbeteren van de wereld en de menselijke conditie het doel van de kunst.
Op de afdeling textiel, werd onder leiding van Gunta Stölzl naast kleurenleer, design en de technische aspecten van weven, de vrije vorm van weven onderwezen. Stölzl moedigde het experiment aan met materialen zoals cellofaan en metaal. De eindproducten van deze afdeling waren een commercieel succes en vulden de kassa van de school. Door de Duitse  nationaalsocialisten werd het onderwijs als een linkse hobby weggezet en in 1932 door dit toedoen gesloten.




Geen opmerkingen: